PLM in de keten

Posted @ 8:27 AM on April 5, 2012 by j.stalman

Vorige week was het goed bezochte High Tech Mechatronica congres. Het lezingen-programma had een track helemaal gewijd aan PLM. Als consultancypartner en softwareleverancier ben ik uitermate blij dat steeds vaker PDM/PLM prominent op de agenda staat.

Uit onderzoek blijkt dat 47% van de MKB bedrijven in de maakindustrie iets met PDM/PLM doen.  Dat betekent dat de stap die het grootbedrijf jaren geleden al maakte en toen ook al door markt-analisten als Gartner werd voorspeld nu dan zijn vervolg krijgt in de rest van de sector.
Eigenlijk vertelde de spreker dat 53% van de MKB bedrijven in deze sector helemaal geen kennis van PDM/PLM hebben. Dat is de andere kant van de medaille en een wel heel donkere keerzijde. Blijkbaar lukt het mij, wij als leveranciers, niet om die bedrijven voldoende te overtuigen van het nut en noodzaak van het gebruik van PDM/PLM software.

De eerste presentatie van die dag ging over  het onderwerp PLM in de keten van toeleveranciers. Een aantal bedrijven uit de Eindhovense regio is daarmee bezig. Interessant!
Doelstelling is – zo heb ik begrepen – om 20% besparing in de kostprijs van het eindproduct te realiseren.

In de huidige vorm passen bedrijven PDM/PLM toe binnen hun eigen organisatie. De overdracht van informatie voorwaarts en achterwaarts in de keten beperkt zich tot de hoogstnodige data (in de praktijk meestal een CAD tekening en/of model samen met een pdf waarop de eisen staan).

De betrokken bedrijven hebben al goede stappen gemaakt: men heeft onderzocht waarvoor PLM voornamelijk wordt toegepast: product design en prototyping. De stroom aan data die dat genereert komt voornamelijk uit configuratiewijzigingen.  Een van de belangrijkste opmerkingen die ik hoorde, was dat toeleveranciers garbage in accepteren, maar wel quality out moeten leveren.
Hoe kun je optimaliseren met PLM als je dit niet ter discussie stelt in de keten?

De one-million-dollar question is natuurlijk: als er gestreefd wordt naar optimalisatie en kostenreductie wordt bewerkstelligd, wie krijgt dan welk deel van de koek? Met deze problematiek hebben bedrijven in de bouwsector ook jaren geworsteld en zeker in tijden van economische neergang, is het belangrijk dat iedere partner in de keten het belang en de rol van de andere partij in die keten onderkent. Het bouwteam-model werkt alleen als men het gezamenlijk belang onderkent en vooraf heldere overeenstemming heeft over de verdeling van de (meer-)opbrengst.

Waarom dan zoeken naar een oplossing die iedereen past? De benadering vanuit het informatieperspectief is de juiste: welke informatie heeft welke partij op welk moment nodig en hoe moet die aangeleverd worden?
Als elke partij dat voor zichzelf bepaalt, is de volgende logische stap: hoe richt je de interne en externe processen in zodat aan die informatiebehoefte wordt voldaan?

Tenslotte, welk pakket is voor iedere organisatie afzonderlijk de beste oplossing gegeven de voorgaande aspecten? Daarbij moet onderkend worden dat er niet een pakket is dat een 100% fit met organisatie heeft.  Dat impliceert soms aanpassing aan het interne proces.
Interfaces zijn flexibel te ontwikkelen en kunnen zo ontwikkeld worden dat de externe informatiebehoefte exact ondersteund wordt.

Bij dit alles is het kostenplaatje: welke investering draagt nog bij, heeft nog meerwaarde voor het eigen of totale proces? En ja, de vraag blijft nog steeds:  mag en kan winst verderop in de keten teruggesluisd worden naar eerdere partners in de keten?

Jan Stalman – infostrait

Een paar gedachten over ratio en emotie

Posted @ 8:54 AM on March 1, 2012 by j.stalman

Het kiezen van een software pakket is niet eenvoudig. Of soms wel! In het verleden heb ik als leverancier een softwareselectie gewonnen, waarna de managing director zei: “het feit dat de marktleider eerder al jullie software had gekozen, was voor ons doorslaggevend. De andere partijen in de selectie deden alleen mee om jullie scherp te houden”.

Meestal is een selectietraject ondoorzichtig en bevat een wirwar van rationele en emotionele elementen.  Het proces start met emotie: “dit pakket kan ons niet langer ondersteunen” of “het wordt tijd dat we nieuwe software aanschaffen” of nog mooier “ik hoor overal dat men overgaat op andere software, moeten wij dat ook niet eens doen”. Niet altijd wordt gestart met een analyse van de IST en SOLL situatie, waarna formeel geconcludeerd wordt dat voor het bereiken van de SOLL situatie een nieuw softwarepakket nodig is.
Na een dergelijke periode van veel intern wikken en wegen wordt vaak een formeel selectieproces opgesteld: de ratio treedt in. Allerlei belangrijke en minder belangrijke zaken worden opgesomd in een formeel document dat aan de potentiële leveranciers ter beschikking wordt gesteld.
Er volgen doorgaans een aantal stappen waarbij steeds op formele (lees: rationele) gronden een voortgangsbesluit wordt genomen totdat uiteindelijk een leverancier overblijft.
Dit ratioproces wordt niet aflatend gevoed door emotie. Iedere betrokkene heeft zijn eigen afwegingen en perceptie van bepaalde zaken. Zijn of haar reactie is dus niet 100% objectief.

De vraag is of de toelating van emotie op de besluitvorming een probleem is.
Mijn stelling luidt dat dit geen probleem hoeft te zijn. De keuze van een nieuw software pakket voor een bedrijf wordt – zoals eerder gezegd – lang niet altijd gestart vanuit een wens tot het integreren van bedrijfsprocessen op een hoger niveau, vanuit de gedachte om afdelingen beter te laten samenwerken, vanuit een herdefinitie van bedrijfsprocessen of zelfs misschien wel vanuit de herdefinitie van de missie of visie van een bedrijf.

De keuze van nieuwe software blijft een lastig ding. Het betekent dat men zijn nek moet uitsteken. Als bedrijf, maar ook de drijvende personen binnen een bedrijf.
Moet je of mag je dan emotie toelaten bij het selectieproces? Ja, is mijn overtuiging. Uiteindelijk wordt de beslissing genomen op emotie, zelfs bij zeer formele aanbestedingstrajecten komt dat voor.
Immers, je emotie vertelt je welk pakket beter smoelt, je emotie geeft je een reden om te zeggen dat een bepaald pakket jouw werk of jouw afdeling goed ligt, je emotie gunt aan een bepaald persoon of bedrijf een deal omdat je vindt dat die beter bij jou of jouw organisatie past.

Gebruik die emotie daarom vanaf het begin van het selectietraject. Software kiezen is ook een lastig proces voor de leverancier! Hij moet op rationele gronden kunnen afwegen of en hoe zijn software de processen van de potentiële klant ondersteunt. Daarvoor is informeel contact nodig en overleg over de huidige en gewenste werkwijze, maar vooral ook over de gang van zaken op de werkvloer (“dat staat er wel zo, maar wij doen het net even anders”). Informeel contact is emotioneel gevoed contact. Emotioneel contact geeft de bevestiging of ontkenning van de formele rationele besluiten.

Het bewust gebruik van ratio en emotie, van formele processen en informele overleggen leidt in mijn optiek tot beter gefundeerde keuzes voor beide partijen. Alleen dan kunnen klant en leverancier elkaar als serieuze partners in business beschouwen. Zowel gebruiker als leverancier hebben daar meer baat bij.

Eens of oneens? Ik verneem het graag.

Jan Stalman – infostrait

  • Comment @ Een paar gedachten over ratio en emotie
  • RSS

Investeren? Ja! Waarin? Software!

Posted @ 9:02 AM on October 31, 2011 by j.stalman

De kop boven deze blog is gekozen naar aanleiding van de ICT Barometer van Ernst & Young (www.ictbarometer.nl). Afgelopen week werd bekend gemaakt dat de totale groei van ict-bestedingen  van het bedrijfsleven afvlakt, zeg maar fors daalt. Van 119 punten in Juli naar 89 punten in Oktober. Ter vergelijking: April 2009 was het dieptepunt met circa 30 punten, het huidige niveau komt overeen met dat van Januari 2011.

Uit nadere analyse blijkt dat er een dubbele tweedeling is:

  • bedrijven met meer dan 500 werknemers verwachten een duidelijke krimp in de bestedingen, terwijl kleine en middelgrote bedrijven meer gaan investeren in ICT.
  • bedrijven in productie en industrie zijn positief over ict bestedingen in de toekomst, waar alle andere sectoren negatief zijn.

Alleen over de aard van de uitgaven zijn bedrijven het eens: in software wordt groei verwacht.

Het is mooi om te lezen dat onderzoek onder 600 directeuren, managers en professionals in het bedrijfsleven en overheid overeenkomt met datgene wat wij bij infostrait dagelijks ervaren. Niet toevallig, want ons klantenbestand bestaat voor het grootste deel uit die bedrijven die in deze editie van het rapport allemaal positief zijn (< 500 werknemers, productie en/of industrie).

Ook wij zien de (toenemende) activiteit bij onze klanten gepaard gaan met wensen ten aanzien van hun PDM/PLM applicatie: Als ik nu ga investeren in software, welke processen regel ik dan als eerste? Kan ik meer omzet halen uit andere processen en zo ja, hoe helpt een PLM applicatie daarbij? Wat is het rendement van de investering en hoe lang is de terugverdientijd?

Onderhuids spelen er andere zaken: hoe borg ik kennis, niet alleen nu maar ook op langere termijn als mijn oudere werknemers met pensioen zijn? Hoe kan ik profiteren van ontwikkelingen op andere afdelingen binnen mijn organisatie? Op welke wijze kan ik meer uitvoeren met minder mensen? Co-engineering met een derde partij of een satellietvestiging in China? Hoe maak ik eenvoudig kennis beschikbaar voor mijn medewerkers?

Kortom: allemaal vragen waarover wij graag met u in gesprek gaan. Waarom? Omdat wij er een mening over hebben. Een mening die gestoeld is op langjarige ervaring. Met een begripskader dat verder gaat dan korte termijn rendement. De investering in software en bijbehorende procedures is vaak een beslissing die genomen wordt op basis van operationele processen. Bovenstaande vraagstukken betreffen een langere termijn en een groter geheel: Uw organisatie, uw proces, uw concurrentievoordeel en uw winstmarge, nu en in de toekomst.

Misschien krijgt u niet altijd het antwoord dat u verwacht uit een gesprek met ons, maar wel een eerlijk antwoord. Een antwoord, een advies dat u een goede onderbouwing geeft aan uw besluitvorming.

Natuurlijk werken wij daarbij vanuit ons eigen perspectief. Dat van een PLM kennispartner. Maar het geeft u wel een sterk tegenbeeld ten opzichte van andere partijen die vooral gericht zijn op efficiency in operationele en financiële processen. Op deze wijze bouwt infostrait met haar klanten en prospects, maar ook met iedere andere partij die geïnteresseerd is aan een PLM kennisnetwerk.

Valt uw bedrijf in de groep van positief oordelende ondernemingen? En bent u het niet eens met uw collega bedrijven of de huidige stand van de ICT-Barometer? Ik maak graag tijd vrij om uw visie op de barometer aan te horen.

Jan Stalman – infostrait

Eerste BIM unconference in Nederland succesvol!

Posted @ 8:30 AM on August 30, 2011 by j.stalman

Een unconference is een uit Amerika overgewaaid fenomeen.  Een unconference is een bijeenkomst waarbij vooraf alleen de locatie vaststaat en eventueel een paar thema’s waarover gesproken kan worden. Verder niets, de deelnemers brengen zelf discussiepunten in en voeren het woord. Geen showcase of productdemo, pure inhoud! In dit geval: BIM. In de breedste zin van het woord.

Op de uitnodiging op LinkedIn hadden 15 mensen gereageerd, waarvan 8 tijd hadden om deze eerste bijeenkomst bij te wonen. Het bijzondere is dat de meesten voor elkaar onbekenden zijn, die alleen in de digitale wereld contact hebben gehad. Na een introductieronde werd duidelijk dat BIM leeft bij architecten, ingenieurs, bouwmanagers, ontwerpers, technisch installateurs en ICT bedrijven.

Gedurende ruim 2 uur werd er gediscussieerd over BIM: is het een visie, een filosofie of een tool? Wat betekent BIM eigenlijk? Staat de M voor model, dus een zelfstandig naamwoord? Of voor Modelling, wat inhoudt dat BIM een proces is? Big BIM versus Little BIM, wat is het verschil?
Kortom, het is duidelijk dat er bij alle marktpartijen verschillende definities leven van het begrip BIM.

Consensus was er over de mentaliteit in Nederland, die haaks staat op de omarming van BIM. Uitgaande van de procesbenadering van BIM: het is een activiteit waarbij partijen in een samenwerkingsverband komen tot een optimaal model van een bouwwerk dat alle relevante informatie bevat voor de ontwikkel-, bouw en beheersfase, kun je constateren dat dit niet gaat lukken met de cultuur van kosten-afrekening in het hier en nu.
Waar BIM beoogt inzichtelijk te maken wat de voordelen van investeringen zijn voor de beheersfase van een bouwwerk, zijn marktpartijen alleen gericht op hun eigen fase en daarbinnen op hun eigen winstmaximalisatie.
Daarnaast druist het beschikbaar maken van informatie of – nog een stapje verder – het actief communiceren van informatie in tegen de gewoonte om kennis binnen eigen huis te houden en zeker geen concurrent te laten meedelen in de opgebouwde “intellectual property”.

En dus gaan we polderen in ons kleine landje, waarbij de angst regeert. Angst om informatie te delen, angst om in een bepaald project minder winst te behalen dan de concurrent. Terwijl samenwerking in een digitaal BIM model juist kosten-minimalisatie nastreeft.

In het buitenland zijn zeer goede voorbeelden van geslaagde BIM projecten. In Singapore bijvoorbeeld. In de USA wordt IPD (Integrated Project Delivery) toegepast, waar de beloning geschiedt op basis van toegevoegde waarde.
BIM belooft Value for Money. Het is alleen lastig dat inzichtelijk te maken. Daarom willen opdrachtgevers er niet aan. Ook zij spelen hun eigen spel.

Het is een lange weg. En zolang nog veel organisaties BIM-onvolwassen zijn, kun je een heel eind komen door te roepen dat je BIM hebt of kunt BIMmen. Wees gewaarschuwd, er komt een moment dat BIM wel doorbreekt. Dan is een goede visie op BIM en de wijze waarop jouw organisatie als ketenpartner meedoet in de bouwkolom vereist.
Ga daar maar alvast over nadenken!

  • Comment @ Eerste BIM unconference in Nederland succesvol!
  • RSS

Account Management, PLM en lange termijn strategie – I

Posted @ 11:23 AM on August 18, 2011 by j.stalman

Op het gebied van meest belangrijke applicaties voor een onderneming heeft de PDM/PLM oplossing nooit hoge ogen gegooid. Dat waren vooral ERP, CAD, WMS, MES en natuurlijk besturingssystemen en kantoorautomatisering.  

De laatste jaren is er een kentering zichtbaar, de kracht van op de juiste wijze ingezette PLM software wordt zichtbaar in de veranderende markt:  een kortere levenscyclus voor trendgevoelige producten vereist snellere en goed gemonitorde ontwikkeling, co-engineering van meerdere bedrijven op wereldwijde schaal vereist een absolute zekerheid over de status van de ontwikkeling van nieuwe producten en machines, het toepassen van PLM technieken in nieuwe branches zoals mode en consumer lifestyle opent nieuwe markten voor PLM software.
Daarbij maak ik wel de kanttekening dat deze groei van PLM al jaren geleden door gerenommeerde onderzoeksbureaus als CIMdata en Gartner werd voorspeld, maar daar nog steeds bij achterblijft.

In ieder geval is PLM doorgedrongen tot de lijst van bedrijfkritische applicaties. Mooi voor bedrijven als infostrait of Dassault Systèmes, immers deze stap betekent dat PLM niet meer voorbehouden is aan engineering alleen, maar dat alle afdelingen baat hebben bij de informatie die in het PLM systeem is opgeslagen. Zie onderstaande graphic:

Deze – overigens niet nieuwe – benadering is afkomstig van Prof. Eigner, hoogleraar in Kaiserslautern en oprichter van EIGNER PLM, wat ondertussen is opgegaan in een ander bedrijf.

De voordelen van PLM als bedrijfkritische applicatie zijn evident voor de leverancier. Het pakket wordt meegewogen in alle beslissingen omtrent nieuwe software, integraties met CAD en ERP verzekeren een langdurig gebruik van de software en het aantal verkochte licenties stijgt in de meeste gevallen.

Tot zover het goede nieuws. Er schuilt ook een potentieel gevaar in deze complexe benadering. Met de integratie van PLM in een best-of-breed stelsel van bedrijfskritische software applicaties, is de kennis van de consultancy partner meer dan ooit van strategisch belang voor de gebruiker. Besluitvorming over system upgrades, additionele of nieuwe software, nieuwe processen en producten, dit alles moet integraal beoordeeld worden. Daarmee komt de lange termijn strategie van de onderneming direct op de agenda van van de PLM Account Manager te staan.

Dit uitgangspunt houdt in dat een PLM partner en haar klant strategisch overleg zullen moeten voeren: over business opportunities en de impact op PLM, over veranderende business processen versus de impact op PLM, over (on-)geplande overgangen naar nieuwe releases  versus hun impact op de business, over nieuwe functionaliteit van de software versus het voordeel voor de klant. En bij al deze punten kun je ook ‘en vice versa’ lezen.
Kortom: voor realisatie van ondernemingsdoelstellingen is samenwerking van beide partijen – klant en PLM partner – absolute voorwaarde.

infostrait heeft de lange termijn van u in het vizier. Ik leg u graag uit hoe wij uw strategische doelen verenigen met onze kennis van PLM processen en software.
Persoonlijk en in de volgende blogpost.

Jan Stalman – infostrait

  • Comment @ Account Management, PLM en lange termijn strategie – I
  • RSS

#durfteveranderen

Posted @ 9:09 AM on June 22, 2011 by j.stalman

Voor twitteraars is bovenstaande een heel bekende hashtag. Bij anderen rijst mogelijk de vraag waarom het hekje daar staat en er geen spaties worden gebruikt.  Hashtags zijn een soort labeltjes die je aan je tweet (twitterbericht) kunt hangen om aan te geven dat het over een bepaald onderwerp gaat. Met behulp van de zoekfunctie van Twitter kun je op #durfteveranderen zoeken. Je krijgt zo in één keer alle andere berichten over hetzelfde onderwerp in beeld. Overigens staat het je vrij om je eigen hashtags aan te maken.

Waarom deze hashtag? Veranderen is een proces dat we continu doormaken in onze werkomgeving. Sommige verander­processen zijn grootschalig, betreffen meerdere afdelingen of bedrijfsonderdelen en worden meestal vooraf aangekondigd: “de onderneming gaat nu deze koers varen”. Maar de meeste veranderingen zijn in beginsel kleinschalig en worden door slechts enkele personen voorbereid en uitgevoerd. Dit is de kern van innovatie! #durfteveranderen!

Het durven te veranderen vereist doorzettingsvermogen. Omdat veranderingen vaak worden ontmoedigd of tegengewerkt. Dat is een proces dat wij van nature in ons hebben. De vernieuwing moet daarom met bezieling en overtuiging worden ingezet, maar ook worden gesteund door fundamenteel bewijs. #durfteveranderen heeft als impliciete voorwaarde #registreerdeverandering.

#registreerdeverandering is het belangrijkste proces dat de slagingskans van #durfteveranderen in hoge mate beïnvloedt. Voor het bedenken, ontwerpen en ontwikkelen van nieuwe producten, machines en installaties is een goede CAD applicatie de eerste vereiste. Voor dit proces en voor de vervolgstappen (het maken van een of meerdere prototypen) en vooral voor het overtuigen van de tegenstribbelaars, is een applicatie nodig die de vernieuwing managed. Of het nu PLM, PDM of EDM wordt genoemd, het belangrijkste aspect is dat de technische informatiestroom – de ontwerp­keuzes, de make-or-buy beslissingen,  alle kwaliteitstoetsen en -documenten evenals mogelijke patenten - op een eenduidige en heldere manier voor de rest van de organisatie worden vastgelegd. Zo wordt de verandering zichtbaar in de organisatie en daarmee weer aanjager voor andere innovatieve ideeën.

Ik bemerk dat veel bedrijven het lastig vinden om te praten over #registreerdeverandering. “Wij hebben al een oplossing in huis zoals jij biedt”, “wij zijn nog niet toe aan een EDM/PDM/PLM pakket”, “wij willen geen software aanschaffen” zijn excuses die ik vaak hoor als ik een gesprek wil aangaan.
#registreerdeverandering is in mijn optiek ook #durfhetgesprekaantegaan. Het krijgen van nieuwe inzichten, het beoordelen van mogelijkheden van andere pakketten, het evalueren van best-practice cases van soortgelijke bedrijven helpen uw bedrijf te vernieuwen.
Daarbij geldt één hoofdregel: Helpen is niet hetzelfde als verkopen! Helpen betekent dat wij mogelijkheden en opties aanreiken om uw vernieuwingsproces te verbeteren. Deze vorm van helpen doen wij bij infostrait graag. Dat heeft ons in de afgelopen 10 jaar per slot van rekening heel wat klanten opgeleverd. En net zoveel bedrijven zijn geholpen met nieuwe inzichten zonder dat zij klant zijn geworden van infostrait.

Aan u de keus: durft u #durfteveranderen? Durft u ook #durfhetgesprekaantegaan?

Jan Stalman – infostrait

PLM is geen keuze!

Posted @ 9:54 AM on April 28, 2011 by j.stalman

In augustus 2010 schreef ik een blogpost met als titel “To boldly go where no man has been before”. In de post gaf ik mijn mening over de visie op PLM als business driver voor een organisatie. Scroll naar beneden om meer te lezen.

Gisteren sprak ik een designer van een groot Nederlands bedrijf waar wel verschillende CAD pakketten aanwezig zijn, maar nog geen PLM oplossing. Die wens is er overigens wel, al heel lang zelfs. Eerst alleen binnen de engineering afdelingen, maar nu is het besef dat PLM de processen in de hele onderneming kan ondersteunen: van ontwerp tot productie, van inkoop tot service, nationaal en internationaal. De vraag is dus niet langer of er een PLM systeem komt, maar wanneer.

Voor mij is dat goed nieuws. Omdat ik hoop dat de onderneming kiest voor onze state of the art oplossing Enovia V6. Maar het is ook goed nieuws voor de maakindustrie in ons land. De keuze voor een PLM systeem als fundament onder de interne ontwikkeling van zeer geavanceerde machines straalt af op bedrijven in de sector.

Nederland is en blijft een kennisintensief land. We ‘maken’ steeds minder omdat de fysieke productie wordt verplaatst naar of uitbesteed aan het buitenland. Maar in productontwikkeling blijven we een vooraanstaand land. Vorig jaar had ik daarover een gesprek met een Engineering Manager.  De productie van dat bedrijf is verplaatst naar goedkopere landen. De concurrentie laat ook goedkopere engineering van soortgelijke producten in het buitenland doen. Een van de belangrijkste redenen dat het bedrijf waarmee ik sprak bestaansrecht heeft en ook winstgevend is, is dat de ontwerpbeslissingen zo goed zijn uitgedacht – en vastgelegd – dat de kwaliteit van de producten significant beter is en er dus een hogere prijs dan de buitenlandse concurrentie gevraagd kan worden. PLM ondersteunt kennis en innovatie als geen ander softwarepakket. Vastlegging van keuzes, beslissingen, ontwerpen, baselines, prototypes en validaties; het principe van systems engineering toegepast in de gehele life cycle. Dat zijn de elementen die niet alleen nu maar zeker in de nabije toekomst het verschil maken.

Iedere onderneming die engineering hoog in het vaandel heeft staan en de levenscyclus van haar producten en machines nauwkeurig bewaakt, zou op de een of andere manier met PLM bezig moeten zijn. Het moet als het ware verankerd zijn in de bedrijfsstrategie.
PLM is daarom geen keuze! Hoogstens de keuze welk pakket je kiest.

Jan Stalman – infostrait

Nieuwe inzichten

Posted @ 9:12 AM on April 20, 2011 by j.stalman

Deze maand bestaat infostrait 10 jaar. Al 10 jaar houden wij ons bezig met het vakgebied PDM/PLM als Value Added Reseller van Dassault Systèmes . Daarin zijn wij uniek!
Niet omdat we de enige zijn, integendeel. Maar wel omdat wij ons enkel en alleen maar bezig houden met PLM. En waarde toevoegen aan de organisatie en het proces van de klant.

Donderdag 14 april hebben wij onze relaties verwelkomd op onze nieuwe locatie in Loenen om hen opnieuw toegevoegde waarde te leveren.  En die toegevoegde waarde was er voldoende.

Eerste gastspreker was Peter van Steensel. Peter is partner bij Positioneringsgroep, een onafhankelijke specialist op het gebied van merkpositionering & merkportfolio en houdt zich bezig met de levenscyclus van merken, van brands. Peter is betrokken bij tal van projecten waarin de merkpositionering leidend is voor innovatie, communicatie en organisatie ontwikkeling.
Peter toonde aan dat merkbeleving, de waarde van een brand, een van de meest onderscheidende elementen voor een organisatie is. Een goed ontwikkeld product alleen redt het niet. De waarde die de klant er aan toekent, is minstens zo belangrijk. Evenzo geldt dat van hoog aangeschreven merken ook automatisch goede en goed doordachte producten worden verwachten. Een uitdaging voor de engineer dus!

Daarna sprak Henk Jan Pels, associate professor Information Systems aan de TU Eindhoven, over de vloek van het voortschrijdend inzicht. Een presentatie vanuit wetenschap en praktijk, waarin klip en klaar werd gesteld dat het voortschrijdend inzicht leidt tot suboptimale ontwerpen. Henk Jan toonde dat aan met eenvoudige basiskennis: de Systems Engineering methode, waarbij ieder finaal ontwerp moet worden getoetst aan de eisen cq wensen van de klant. Terwijl veel ontwerpers en engineers van nu voortborduren op eerdere ontwerpen en eigen aannames.
De oplossingsrichting ligt in Concurrent Design Domains, waarbij Requirements Analysis, Functional Design, Physical Design en Process Design elkaar overlappen. Deze ‘paradigm shift’ moet gestuurd worden vanuit de volledige mogelijkheden van PLM waarbij gecontroleerd kennis tussen de verschillende Design Domains wordt uitgewisseld.

Als afsluiter bracht Daan Quakernaat, spreker en entertainer, een wervelend verhaal over de theorie en praktijk van het “bouwen van een kathedraal”. Het bouwen van een kathedraal duurde vaak tientallen jaren, soms wel honderden. En alle zaken die wij als hedendaagse engineers zo goed kennen kwamen aan bod: eisen, functies, objecten, voortschrijdend inzicht. Kortom: het bouwen van een kathedraal vereist samenwerking, kundigheid, geduld maar vooral ook passie.
Passie is volgens Daan Quakernaat datgene wat wij verloren hebben in ons ontwerpproces. Hij schetst de theorie van een witte en zwarte wereld, die niet los van elkaar kunnen functioneren. Wit is de wereld van intuïtie, bezieling, onzekerheid en innovatie. Zwart is de wereld van structuur, regels, controle en budgetten.  Daan pleit dat wij wat vaker los moeten komen van onze zwarte wereld en meer vanuit de witte wereld moeten durven denken. Dit alles werd toegelicht met een prachtig verhaal over de dagelijkse praktijk rondom CS Utrecht waar de regelcultuur en legitimatiepolitiek uit de zwarte wereld de boventoon voeren.

Een boeiende middag. Het is duidelijk dat de wereld snel verandert. Oude ideeën en begrippen  zijn nog steeds bruikbaar, maar krijgen een nieuwe insteek. PLM krijgt steeds meer een afdelingsoverstijgende rol; in combinatie met de perceptie en beleving van een merk of onderneming wordt duidelijk dat PLM 2.0 en de 3D wereld nieuwe grenzen aan het verkennen zijn: de klant, de consument als co-engineer.

Wij, infostrait, gaan er de komende jaren voor om u hierbij te ondersteunen met toegevoegde waarde voor uw proces!

Presentatie Peter van Steensel

Presentatie Henk Jan Pels

Presentatie Daan Quakernaat

Buzzword: Lifecycle management!

Posted @ 7:14 AM on March 21, 2011 by j.stalman

Je kunt bijna geen vakblad openslaan of er staat wel een artikel in over lifecycle management. Maar tegenwoordig kun je ook geen website meer bezoeken, een willekeurig tijdschrift of krant open­slaan of er staat wel iets over dit onderwerp. OK, het wordt misschien anders genoemd, maar in essentie gaat het om lifecycle management. Het beheer van informatie tijdens de levenscyclus is c.q. wordt cruciaal.

Was lifecycle management vroeger voorbehouden aan industriële omgevingen waar engineering en intellectual property de boventoon voerden, op dit moment wordt het beheer van informatie in allerlei bedrijfs- en organisatorische processen als een van de belangrijkste ontwikkelingen genoemd. Lifecycle management is hot! En het leuke is, wij van infostrait zitten er middenin.

Neem Atos Origin, zij spreken sinds kort over information lifecycle management (ILM). Hier onder­kent men dat informatie in de loop van de tijd in waarde verandert.
Hoewel Atos Origin ILM toepast bij data storage en data toegankelijkheid, wil ik me niet beperken tot deze gebieden. ILM is in essentie niets anders dan PLM. Bij PLM draait alles om het beheer van productgerelateerde technische informatie. De nadruk ligt dus altijd op het product (in onze termen ‘het item”), maar de levenscyclus van het product is onlosmakelijk verbonden met de levenscyclus van informatie. ILM en PLM zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Recent sprak ik met een hoogleraar van de TU Eindhoven, dhr Pels, over de waarde van informatie. Hij noemt dit “de vloek van het voortschrijdend inzicht”. Veelal worden in de R&D fase ontwerp­beslissingen genomen op basis van de inzichten op dat moment: technieken, materialen, fysieke en fysische mogelijkheden, kennisniveau in de organisatie, etc. Deze informatie komt in de vorm van tekeningen, stuklijsten, kwaliteits- en testdocumenten aan het item te hangen. In latere fasen van de levenscyclus van het item wordt voortgeborduurd op deze informatie, terwijl de waarde van die informatie misschien veel lager is dan tijdens de R&D fase. Kortom, het voortschrijdend inzicht wordt belemmerd door de vastgelegde informatie uit het verleden.

Goed lifecycle management betekent m.i. dat je niet alleen de lifecycle van het product en de productonderdelen goed managed in al haar facetten, maar ook de informatie die met het product verbonden is.  In de vakgebieden waar Systems Engineering een grote rol speelt, is dat laatste heel gewoon. Steeds opnieuw wordt aan de deeleis of hoofdeis gevalideerd of de genomen beslissing de juiste is.  Dat maakt de waarde van informatie in de levenscyclus belangrijk.

ILM en PLM, twee termen met hetzelfde doel: Het beheren en waarderen van de informatie gedurende de levenscyclus.

Jan Stalman – infostrait

Blik op uw visi(e)?

Posted @ 10:00 PM on January 22, 2011 by j.stalman

Afgelopen week (11-14 januari 2011) vond in Ahoy de tweejaarlijkse vakbeurs Infratech plaats. Voor iedereen die zich in de civiele infrasector begeeft, is deze beurs met bijbehorend congres een begrip. Hoewel infostrait al voor haar oprichting 10 jaar geleden een toonaangevende software- en consultancypartner in de infrasector was, werd dit jaar voor het eerst een stand bemand op deze beurs.

Gedurende de week zijn wij op de stand overspoeld met vragen over VISI. Het CROW presenteerde op haar jaarcongres de nieuwe Standaard RAW Bepalingen 2010 waarin voor het eerst VISI integraal in is opgenomen. Voor velen, niet alleen uitvoerende partijen maar ook opdrachtgevers, is VISI nog steeds een tamelijk onbekend begrip. De meest voorkomende vraag was dan ook: wat is VISI precies? Gevolgd door: hoe werkt dat dan in jullie software?

De introductie in de branche of liever gezegd de acceptatie door de branche van het VISI raamwerk als standaard voor contractcommunicatie, is een schoolvoorbeeld van de moeite en inspanning die door organisaties in alle branches en sectoren wordt verricht om een nieuwe standaard breed in te voeren.
Met de opname van VISI in de RAW bepalingen is een belangrijke stap gezet. Werd VISI eerst op vrijwillige basis toegepast (dwz als de opdrachtgever dat wilde toepassen), nu heeft in principe elke partij de mogelijkheid volgens VISI te communiceren.

Terug naar de vragen. Wat is VISI en hoe werkt het? Kort gezegd: VISI is een door de Nederlandse bouwsector geaccepteerd afsprakenstelsel voor de digitale uitwisseling van formele communicatie.
Meer hierover op http://www.crow.nl/nl/Online_Kennis_en_tools/VISI/VISI-VISI.html.
Om dit mogelijk te maken heeft infostrait al in 2003 (!) de applicatie ALFAmail ontwikkeld. ALFAmail verzorgt de uitwisseling van formele communicatie: van het versturen van berichten met of zonder bijlagen, het accepteren of verwerpen van wijzigingen tot het opbouwen van een voor beide partijen eenduidig en gelijkluidend archief. Voor alle details verwijs ik u graag naar www.alfamail.nl.

Maar nu de vraag aan u: Wat is uw visie? Wat doet u met uw visie of liever, wat doet u met VISI? Zoals de sector vanaf 1989 de UAV heeft omarmd – ook niet van de een op de andere dag overigens – zo is nu in 2011 het moment gekomen om verschillen over interpretatie van contractvoorwaarden en uitwisseling van informatie uit te bannen. Richt uw blik op VISI en neem VISI op in uw visie! Op die manier komt de bouw- en infrasector weer een trede hoger op de samenwerkingsladder. Zo geeft u aan dat u klaar bent voor de toekomst en open staat voor nieuwe vormen van digitale samenwerking.

Ik wens u veel digitale samenwerking toe!